Basisinkomen een succes

Fins experiment basisinkomen succes: deelnemers zijn minder gestrest en meer gemotiveerd

Finland experimenteert sinds vijf maanden met het basisinkomen. Deelnemers zien nu al veel voordelen: ze hebben minder stress, een grotere prikkel om werk te vinden en meer tijd om een eigen bedrijf op te starten.

Het is het grootste experiment van Europa. Tweeduizend Finnen krijgen twee jaar lang 560 euro per maand. Deelnemers hoeven niet aan te tonen dat ze werk zoeken en ze hoeven ook geen bewijs aan te leveren dat ze de uitkering nog nodig hebben. Ze kunnen het geld naar eigen inzicht uitgeven.

Als werklozen werk vinden mogen ze het basisinkomen houden, zodat het nut heeft om te gaan werken, zelfs voor een beperkt aantal uren. De centrum-rechtse regering van Finland hoopt zo het werkloosheidsprobleem in het land op te lossen.

De werkloze vader Juha Jarvinen is een van de tweeduizend deelnemers. Hij vertelt The Economist dat hij nu veel meer gemotiveerd is om werk te zoeken dan toen hij nog een gewone werkloosheidsuitkering kreeg. Eerder kreeg hij wel parttime functies aangeboden, maar daarmee zou hij zijn uitkering verliezen en er op achteruit gaan. “Dat is bizar, dus niemand zal een beetje werk aannemen”, zegt hij.

Jarvinen is nu bezig met een eigen bedrijf en voelt zich veel minder gestrest.

Toen hij een uitkering kreeg ging hij niet actief op zoek naar werk, maar nu wel, zo vertelde hij aan The Economist.

Hij kreeg enkele parttime baantjes aangeboden, maar als hij die had aangenomen zou hij gekort zijn op zijn uitkering. “Het is gestoord, er is niemand die zoiets zou doen,” zei hij.

Hij is blij dat hij niet meer mee hoeft te doen aan het toneelstukje van formulieren invullen en sollicitatiegesprekken voeren voor kansloze banen. Maar niet iedereen is het met hem eens. De grootste vakbond SAK, waarvan een vijfde van alle Finnen lid is, noemt het basisinkomen “onmogelijk duur” en stelt dat het overheidstekort met vijf procent van het bnp zal toenemen.

De Finse overheid heeft 2000 inwoners van het land de afgelopen vijf maanden een onvoorwaardelijk basisinkomen gegeven en nu al werpt het project zijn vruchten af.

Ontvangers hebben minder last van stress, meer zin om op zoek te gaan naar werk en meer tijd om zakenideeën uit te werken.

Deelnemers van het project, dat uniek is in Europa, krijgen twee jaar lang iedere maand 560 euro op hun bankrekening gestort.

Werkloosheidsprobleem

Ze hoeven niet aan te tonen dat ze werkzoekende zijn of dat ze het nodig hebben. Ze kunnen het geld besteden zoals ze willen.

Als deelnemers werk vinden blijven ze het basisinkomen ontvangen. Een uitkering zou in zo’n geval worden stopgezet.

De Finse overheid hoopt op deze manier het werkloosheidsprobleem in het land aan te pakken.

Canada

In maart kondigde Ontario, de grootste provincie van Canada, aan te gaan experimenteren met een onvoorwaardelijk basisinkomen.

Premier Kathleen Wynne van Ontario zei dat de proef noodzakelijk is om het hoofd te kunnen bieden aan ‘nieuwe uitdagingen’ die de moderne economie met zich meebrengt.

Meer tijd besteden aan de mensen waar het om gaat

Wees daar waar de nood is

‘Sociaal werkers: probeer jullie administratieve werk tot een uiterst minimum te beperken zodat jullie meer tijd kunnen besteden aan de mensen waar het om gaat’, die oproep doet Cornel Vader, voorzitter van de Raad van Bestuur van de professionele zorgtak van het Leger des Heils.

Vader heeft het aantal hulpvragen en hulpvragers bij het Leger des Heils de afgelopen jaren flink zien stijgen. In 2016 kwamen er bijvoorbeeld 37.500 unieke hulpvragen binnen bij zijn organisatie, 3000 meer dan in het jaar ervoor. ‘Dit is echt een forse toename en deze trend is al een paar jaar aan de gang. Al sinds de aanloop naar de transities wordt er meer en meer een beroep op ons gedaan.’

Cijfers

Het grootste deel van de hulpvragen kwam in 2015 voor de rekening van de laagdrempelige dag- en nachtopvang van het Leger des Heils. En ondanks dat de transities het mogelijk moeten maken dat mensen langer thuis kunnen blijven, hulp krijgen uit hun eigen netwerk en wijkteams de problemen zoveel mogelijk ondervangen en oplossen, neemt ook de vraag naar ambulante hulp bij het Leger des Heils toe. Vader: ‘De druk op onze capaciteit is fors. Het aantal bedden dat we hebben is beperkt en het aantal uren ambulant werk dat we kunnen bieden is gelimiteerd. Ondanks dat we vaak goede afspraken met bijvoorbeeld gemeenten, zorgverzekeraars en rijk kunnen maken over opvang en in- en verkoop, zal er wel iets moeten veranderen.’

Teken aan de wand

In 2016 had het Leger des Heils 4000 bedden beschikbaar, 300 meer dan een jaar eerder. Toch waren al deze bedden volgens Vader ook in 2016 allemaal meer dan honderd procent bezet. ‘Dit is een teken aan de wand. De mensen die bij ons aankloppen, hebben stevige indicaties en redden het niet zelfstandig, terwijl dat wel de bedoeling van de transities was.’

Mismatch

De bestuurder van de organisatie heeft ook wel een idee hoe dat komt. ‘De opbouw van buurtnetwerken en vangnetwerken gaat niet snel genoeg en het afbouwen van intramurale capaciteit gaat niet gelijk op met de opbouw van intensieve ambulante vormen van zorg. Er is echt een mismatch en nu moeten de wijkteams ineens allerlei multicomplexe en intensieve zorgvragen oplossen. Dat is absoluut onmogelijk gezien de caseload waar ze al mee te maken hebben.’

Goedkope woningen

Een ander probleem dat ervoor zorgt dat steeds meer mensen voor steeds langere tijd gebruik maken van de nachtopvang van het Leger des Heils, is het gebrek aan goedkope woningen. ‘Met goedkope woningen bedoel ik woningen voor 350 euro per maand. Dat prijsniveau is prima voor mensen die gestrand zijn en een doorstart willen maken. Maar die woningen zijn vrijwel niet beschikbaar.’ Vader vertelt dat het Leger des Heils daarom in gesprek is met corporaties en koepels om op korte termijn meer goedkope woningen te realiseren.

Ondersteuning

‘Maar daarmee zijn we er nog niet. Mensen stranden niet voor niets, er is altijd meer aan de hand. Alleen een goed huis is niet genoeg. Er moet ook voldoende ondersteuning voor deze mensen zijn, zodat ze leren omgaan met hun buren, hun schulden kunnen wegwerken en een plekje in de maatschappij krijgen. Intensieve begeleiding voor hen is gewoon nodig.’

Daar waar de eerste contacten met dak- en thuislozen worden gelegd, is het handig de meest ervaren hulpverleners in te zetten. Dat schrijft de Nederlandse Straatdokters Groep in een ‘boodschappenlijst’ voor gemeenten, politiek en hulpinstellingen. Lees meer >>

Verantwoordelijkheid

De bestuurder van het Leger des Heils verwacht dat het aantal mensen dat op straat terecht komt de komende anderhalf tot twee jaar nog verder toe zal nemen. ‘Ik hoop dat we daarna, als alle gemeenten gewend zijn aan hun verantwoordelijkheid, ook die mensen een goede plek en ondersteuning kunnen bieden. Natuurlijk doen we ons best om dat ook nu al te doen, maar gemeenten moeten wennen aan hun nieuwe verantwoordelijkheid en inzien dat ze meer moeten inzetten op het voorkomen van problemen dan op het oplossen als het al te laat is.’

Outreachend

In de tussentijd doen Vader en zijn collega’s hun uiterste best om iedereen die hulp nodig heeft, deze hulp te geven. Sociaal werkers kunnen hem hierin bijstaan. Hoe? Door outreachend te werken. ‘Wees daar waar de nood is in plaats van achter je bureau. Probeer je administratieve werk tot een uiterst minimum te beperken zodat je meer tijd kunt besteden aan de mensen waar het om gaat. Zorg daarnaast dat je goed op de hoogte bent van het lokale zorgaanbod en probeer met lokale zorgaanbieders in contact te komen om het aanbod nauw te laten aansluiten op wat de behoefte is van mensen die in de problemen zijn geraakt. Wijkteams kunnen daar een signalerende, en mede vormende, invloed op uitoefenen.’

Sophie van Hogendorp