Hoe erg is het om te vergeten?

3125120
© Thinkstock

GASTCOLUMN Het lijkt steeds moeilijker om dingen te vergeten, omdat steeds meer van ons leven zich (ook) online voltrekt, daar waar alles opgeslagen wordt.

‘Wanneer was dan het paard van Troje?’ Mijn docent keek me aan met een glimlach die de naïviteit van mijn vraag verraadde. ‘Het paard van Troje is een verhaal van Homerus’, antwoordde hij. ‘Het is één van de bekendste verhalen uit de Griekse mythologie, maar het blijft een mythe. Er is nooit een paard van Troje geweest.’ Mijn ogen keerde ik naar beneden en mijn wangen werden rood. Het werd me vergeven, als eerstejaars student. We gingen verder met de daadwerkelijke geschiedenis van de oude Grieken en lieten de mythologie voor wat dit was – mooie verhalen, die geen noodzakelijke correlatie hadden met de werkelijkheid.

Feit en fictie

De lijn tussen feit en fictie is niet altijd recht

Het duurde even voordat ik erachter kwam dat er niet zoiets bestaat als ‘de geschiedenis’. Er is enkel dat wat geschied is en dat wat men daarover geschreven heeft. De geschiedschrijver is altijd vrij in zijn keuzes: hoe hij de situatie optekent, welke woorden en termen hij gebruikt, maar vooral ook wat hij vertelt en wat hij weglaat.

De lijn tussen feit en fictie is niet altijd recht. Dit werd me nogmaals duidelijk toen ik onlangs Augustus van John Williams (Stoner, Butcher’s Crossing) las. Williams tekent in deze roman het levensverhaal van Keizer Augustus op in de stijl van brieven tussen onder andere Cicero, Livius en Marcus Agrippa. In het voorwoord lees je dat Williams zijn dichterlijke vrijheid genomen heeft en dat het boek grotendeels fictief van aard is. Gaande het verhaal was ik dit echter al snel vergeten. De documentvorm was zo aannemelijk, de verschillende stemmen waren elk zo kenmerkend dat ik haast niet kon geloven dat deze allemaal uit de pen van één man waren gerold. (Niet voor niets heeft Williams hiervoor in 1973 The National Book Award  ontvangen.) De oorspronkelijke teksten uit de Romeinse tijd zijn niet overgeleverd, maar aan de hand van jarenlang onderzoek in Italië schreef Williams een zinderende geschiedenis, die hoewel fictief van aard, mijn historische honger meer dan verzadigde.

Eclectisch

Het verleden is als een plakboek, waarbij we uiterst selectief te werk kunnen gaan

We keren ons vaak tot de historie als ons eigen leven ons onbegrijpelijk voorkomt. Wat, laten we eerlijk zijn, vaak zo is. Het leven is fragmentarisch, eclectisch en onsamenhangend. Voor enige houvast keren we ons dan tot dat wat al geweest is. ‘Nous entrons dans l’avenir à reculons’, om met de woorden van Paul Valéry te spreken: met onze blik gericht op het verleden, treden we achteruit de toekomst binnen. Het verleden lijkt samenhangend, omdat we in retrospectief alles aan elkaar geplakt hebben. Net als de schrijver, de filmmaker en de historicus kiezen we bepaalde beelden die we tot een geheel maken. Het verleden is als een plakboek, waarbij we uiterst selectief te werk kunnen gaan. Terugblikkend zien we vaak alleen wat we willen zien. We vergeten meer dan dat we onthouden.

Online

Het overenthousiaste `Allemaal komen!!!!!!’ hoeft geen deel uit te maken van mijn historie, net zo min als het bakje blauwe bessen dat ik volgens instagram 135 weken geleden at

Het lijkt echter steeds moeilijker om dingen te vergeten, omdat steeds meer van ons leven zich (ook) online voltrekt, daar waar alles opgeslagen wordt. Op Facebook kun je terug kijken op je tijdlijn en zien wat je drie of vier jaar geleden allemaal zei en deed. Ik houd graag vol dat ik vroeger best goed gekleed ging; scroll ik echter wat terug in de tijd, stel ik mezelf ernstig teleur. Het was iets wat ik, achteraf gezien, liever vergeten was. Ook de uitnodigingen voor mijn 13e verjaardagsfeestje, opgeslagen door Hotmail, hadden van mij in de vergetelheid mogen raken. Het overenthousiaste ‘Allemaal komen!!!!!!’ hoeft geen deel uit te maken van mijn historie, net zo min als het bakje blauwe bessen dat ik volgens instagram 135 weken geleden at. Maar doordat zij er zijn, worden zij herinnerd.

Onze tijd is er één van eindeloze dataopslag en life logging, het steeds maar vastleggen van momenten, opdat we ze niet vergeten. We hebben de taak van herinneren gedelegeerd aan de technologie, omdat we zo meer kunnen onthouden, maar in wezen onthouden we daardoor juist minder. Het geheugen wordt lui. De bestanden raken, hoewel opgeslagen, uiteindelijk zoek in de massa. Daarbij komt dat bestanden niet zoals herinneringen vervagen; op een gegeven moment verdwijnen die gewoon. Wat blijft er uiteindelijk over? Die dingen die we onszelf wel dwingen te herinneren, omdat we geen video of foto hebben gemaakt. Leg je het moment vast, dan herinner je het vastgelegde; laat je het moment vrij, dan herinner je de ervaring.

Verschraalde herinnering

Is vergeten dan echt zo erg? Het is een vraag die ik me met een grootouder met Alzheimer en een naast familielid met Korsakov steeds vaker stel. Het antwoord weet ik niet. Wel weet ik dat onze kennis van het verleden altijd gevormd wordt door selectie en ons nooit terug brengt naar het daadwerkelijke moment, hoe graag we dit ook zouden willen. Het al maar blijven vastleggen van alles wat wij doen, zorgt niet voor een betere, maar juist een verschraalde herinnering. Het is een leegte, doordat het niet wij zijn die ons verleden vormgeven, maar de technologie. In mijn hoofd is enkel waar ik verder schrijf aan mijn eigen geschiedenis.

Tessa de Vet is student aan de Uva. Deze maand is zij gastcolumnist van Volkskrant.nl. Dit is haar laatste bijdrage