Homo’s geven hun leven een 6+

Vandaag verschijnt een door minister Bussemaker als ‘schokkend’ betiteld rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau: veel jonge homo’s en lesbiennes zitten zwaar in de problemen.
Lesbische, homoseksuele en biseksuele jongeren hebben meer problemen dan heteroseksuele jongeren. Ze spijbelen vaker, gebruiken meer alcohol en drugs en hebben vaker psychische problemen. Zelfmoordpogingen komen vijf keer zo vaak voor. Dat blijkt uit een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), dat vandaag verschijnt. Minister Bussemaker vindt de cijfers ‘schokkend’.

Het SCP schreef het rapport Jongeren en seksuele oriëntatie in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, dat verantwoordelijk is voor het emancipatiebeleid. Het bevat cijfers uit langlopende bevolkingsonderzoeken naar het welzijn van scholieren (11-16 jaar) en jongvolwassenen (16-25 jaar). Ook voerde het SCP zelf onderzoek uit. Daardoor kon het welzijn en de leefsituatie van lesbische, homoseksuele en biseksuele (LHB) jongeren voor het eerst goed worden vergeleken met heteroseksuele jongeren.

Meer problemen
Uit het rapport blijkt dat LHB-scholieren hun leven een veel lager cijfer geven dan heteroseksuele leeftijdsgenoten: een 6+ tegenover een 8-. Het percentage spijbelaars ligt hoger onder jonge LHB-ers (21 tegen 9 procent), evenals het percentage rokers (18 tegen 3 procent). Ook zijn er veel meer LHB-scholieren met emotionele problemen (44 tegen 18 procent).

Ze roken nog altijd meer (24 tegen 14 procent) en hebben vaker drugs gebruikt (32 tegen 19 procent)
Onder jongvolwassenen hebben LHB-ers eveneens meer problemen dan hetero’s. Ze roken nog altijd meer (24 tegen 14 procent) en hebben vaker drugs gebruikt (32 tegen 19 procent). Liefst 9 procent van hen heeft ooit gepoogd een einde aan zijn leven te maken, tegenover 2 procent bij jongvolwassen heteroseksuelen.

Dit is de eerste keer dat we naar seksuele oriëntatie vragen in de bevolkingsonderzoeken. Er is nog geen vergelijkingsmateriaal
‘Lisette Kuyper, onderzoeker bij het SCP
Ik vind het heftig om te zien hoe slecht deze jongeren het doen’, zegt SCP-onderzoeker Lisette Kuyper. ‘Zeker als je bedenkt dat ze zijn opgegroeid in een tijd waarin homo’s en hetero’s voor de wet gelijk zijn en een groot deel van de bevolking homoseksualiteit accepteert.’ Of de problemen in deze groep jongeren toe- of afnemen, is volgens de onderzoeker niet te zeggen. ‘Dit is de eerste keer dat we naar seksuele oriëntatie vragen in de bevolkingsonderzoeken. Er is nog geen vergelijkingsmateriaal.’

Voorlichting
Volgens minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen Jet Bussemaker ‘is er nog veel werk aan de winkel’. Zij vindt het vooral belangrijk dat er op scholen een klimaat heerst waar kinderen openlijk over hun geaardheid kunnen praten. Om dat te stimuleren, zijn middelbare scholen sinds twee jaar verplicht voorlichting te geven over seksuele diversiteit. Daarnaast zijn lerarenopleidingen een aandachtspunt voor Bussemaker. ‘Die moeten toekomstige leraren beter leren omgaan met seksuele diversiteit.’

Bij mijn 15-jarige dochter in de klas viel het woord ‘homo’ niet één keer
Tanja Ineke, voorzitter van het COC
Het COC reageert geschokt op het rapport. ‘Vijf keer meer zelfmoordpogingen en de helft van de jongeren die het afgelopen jaar werd gepest’, zucht voorzitter Tanja Ineke. ‘Dat is alarmerend.’ Volgens Ineke moeten scholen verplicht voorlichting blijven geven over seksuele diversiteit. Ze pleit wel voor controle. ‘Scholen mogen zelf bepalen hoe ze de lessen invullen. Dat gaat niet overal goed, heb ik het idee. Bij mijn 15-jarige dochter in de klas viel het woord ‘homo’ niet één keer.’

‘Ik bof dat mijn ouders me steunen’
Sara Halilovic (16) uit Oldenzaal: ‘In de eerste klas ging ik nauwelijks naar school. Ik was nooit een meisjesachtig type en op de middelbare school begonnen kinderen me uit te schelden. ‘Vieze vrouwenneuker’, zeiden ze bijvoorbeeld. Terwijl ik nog helemaal niet met mijn geaardheid bezig was. Ze zeiden ook dat ik mezelf sneed en zelfmoord wilde plegen.
‘Ik voelde me niet thuis, ging rondhangen, mijn ouders wisten er niets van. Zo leerde ik mensen kennen die ook niet naar school gingen, jongeren die alcohol en drugs gebruikten. Ik deed daar niet aan mee, maar het had makkelijk fout kunnen gaan.
‘Een paniekaanval op school vormde het keerpunt. Ik was 14, inmiddels uit de kast, en mijn ouders kwamen me halen. ‘Waarom is de mening van anderen zo belangrijk voor jou?’, vroeg mijn moeder. Daar ben ik over gaan nadenken. Sindsdien gaat het beter met me.
‘Mijn problemen vallen mee, omdat mijn ouders me steunen. Daar bof ik mee. Ik ken een jongen die zelfmoord heeft gepleegd vanwege zijn geaardheid, en meisjes die depressief zijn geworden. Ik weet hoe slecht het kan aflopen.’
Bevat het SCP-rapport dan geen lichtpuntjes? Toch wel. Zo zijn jongeren de afgelopen jaren positiever gaan denken over homoseksualiteit. Dacht in 2006 nog 18 procent van de jongvolwassenen (16-25 jaar) er negatief over, nu is dat 6 procent. Ook scholieren (11-6 jaar) zijn positiever: 67 procent van de kinderen in groep 8 van de basisschool en 76 procent van de middelbare scholieren zegt bevriend te kunnen zijn met homoseksuele en lesbische medescholieren. Dat was in 2009 aanzienlijk minder.

Arie Boomsma
Volgens onderzoeker Lisette Kuyper van het SCP heeft die verschuiving te maken met de toegenomen aandacht voor homoseksualiteit. ‘Er is nu meer voorlichting op scholen, Arie Boomsma maakte tv-programma’s over homoseksualiteit en er is in de maatschappij flink over het onderwerp gediscussieerd, bijvoorbeeld rond de Olympische Spelen in Sotsji. Dat leidt tot meer begrip bij jongeren.’

Ik wantrouw die acceptatiecijfers een beetje
Ineke van der Vlugt, van kenniscentrum seksualiteit Rutgers WPF
Ineke van der Vlugt van kenniscentrum seksualiteit Rutgers WPF ziet inderdaad een positieve trend, mogelijk door extra aandacht in het onderwijs. Wel waarschuwt ze voor te groot optimisme.

‘Ik wantrouw die acceptatiecijfers een beetje. LHB-jongeren zeggen zelf dat ze nog altijd te maken hebben met afwijzend gedrag. Misschien geven die jongeren in de onderzoeken wel sociaal wenselijke antwoorden en gedragen ze zich in het echt helemaal niet zo tolerant.’

januari 16, 2015Permalink