Jim van Os

Mensen reduceren tot een diagnose is een ingreep in de identiteit’

180 graden: Jim van Os

Psychiater (57) veranderde van standpunt over de juiste behandeling bij psychisch lijden.
Marjon Bolwijn
Jim van Os is psychiater aan het UMC Utrecht. ©Ivo van der Bent / de Volkskrant

Oude standpunt

‘Psychische aandoeningen zoals schizofrenie en depressie hebben duidelijke kenmerken. Alle tweehonderd stoornissen en symptomen staan in de DSM, de ‘bijbel’ van de psychiatrie. Daarmee kunnen hulpverleners objectief diagnosticeren. Wetenschappelijk onderzoek wijst uit welke behandeling bij welke aandoening past en verpakt die in richtlijnen waar je op kunt bouwen. Het doel van behandelen is symptomen verminderen. De geneeskunde die aan de universiteit en in de opleiding tot psychiater wordt onderwezen is van een verbluffende logica. Als expert weet je hoe de mens in elkaar zit en hoe te handelen.’

Het Keerpunt

De wet­ma­tig­he­den zijn veel zwakker dan wordt voorgesteld

‘Twee ontdekkingen deden mij inzien dat deze logica zeer wankel is. Na mijn studie geneeskunde in Amsterdam ging ik verder studeren in Bordeaux en daarna in Londen. Tot mijn verbijstering bleek de diagnose schizofrenie in Frankrijk iets heel anders in te houden dan in Engeland. Ze hanteren er andere symptomen. Ook de prognose en behandeling verschillen. Een onderzoek onder psychiaters in beide landen bevestigde dit. Ik concludeerde dat de diagnostiek van psychisch lijden wellicht meer te maken heeft met cultuur dan met waardevrije wetenschap. Het maakte mij sceptisch over de op ‘bewijs’ gebaseerde diagnose- en behandelrichtlijnen.

‘Die scepsis werd gevoed door ervaringen van familieleden met psychische klachten. Mijn nicht bijvoorbeeld kreeg uiteenlopende diagnoses: een bipolaire stoornis, zei de een. Nee, schizofrenie, zei de ander. Een persoonlijkheidsstoornis, meende een collega. In werkelijkheid is psychisch lijden een mix van weinig specifieke symptomen als slapeloosheid, somberheid, angsten, geheugenproblemen, verslaving – en dat in verschillende gradaties en combinaties over de tijd. De wetmatigheden onder diagnostiek en behandeling zijn veel zwakker dan wordt voorgesteld.’

Diagnoses zijn labels die de persoon persen in een dia­gnos­tiek-be­han­del­richt­lijn voor de niet-be­staan­de gemiddelde patiënt

Nieuwe Standpunt

‘Diagnoses bij psychische klachten zijn slechts hypothesen. Het zijn labels die de persoon persen in een diagnostiek-behandelrichtlijn voor de niet-bestaande gemiddelde patiënt. Iemand met psychische klachten reduceren tot een wetenschappelijke abstractie is geen medische handeling – het is een dubieuze ingreep in de identiteit. Je academische cultuur mag voorschrijven dat schizofrenie bestaat, maar geeft je dat het recht om mensen dat label op te plakken? Er zijn patiënten die last hebben van extreme achterdocht, van geheugen- en concentratiestoornissen, die stemmen in hun hoofd horen, hun bed niet uitkomen. Maar allemaal op een verschillende manier en met een verschillend beloop. Hen allen ‘schizofreen’ noemen – met de meer of minder expliciete boodschap: je hebt een ongeneeslijke, chronische hersenziekte – dat is nogal wat. Terwijl er mensen zijn die maar één keer een psychose krijgen en daarna nooit meer.

‘Beter is het om als hulpverlener bij iedereen opnieuw verwonderd vragen te stellen: wat is er gebeurd, waar heb je last van, waar zit je kracht, wat zijn je doelen en wat heb je nodig om die te bereiken? Korte termijn symptoombestrijding is secondair aan het versterken van de weerbaarheid op lange termijn. Help de persoon zijn verhaal te ontwikkelen, inzicht te krijgen in onderliggende kwetsbaarheid en kracht, greep te krijgen op beperkingen en regie te pakken over de behandeling. En nieuwe doelen te formuleren die het leven zin kunnen geven.’

 Het effect

Het UMC Utrecht Her­sen­cen­trum en ik hebben elkaar gevonden in een hoger doel: de patiënt als partner

‘Nadat ik voor het eerst mijn nieuwe visie kenbaar maakte, in 2015 in NRC, werd ik op een medisch congres in de VS voor gek verklaard. Maar met een tegendraads geluid bereik je soms meer dan met polderen achter de schermen. Er is veel in beweging gekomen. Met collega’s heb ik een andere benadering van hulpverlening bij psychisch lijden beschreven in het boek Goede ggz!. De minister nodigde ons uit. Er lopen pilots in steden als Eindhoven, Rotterdam en Amsterdam, gebaseerd op kleinschaligheid, community en bevordering van de weerbaarheid. Ook werken we met e-communities, zodat mensen online aan lotgenotencontact en informatie kunnen komen in de veiligheid van hun woning. De e-community psychosenet.nl telt bijna 1 miljoen bezoekers per jaar. En ik werk nu bij het UMC Utrecht Hersencentrum. Vroeger kibbelde ik ermee, nu hebben we elkaar gevonden in een hoger doel: de patiënt als partner.’

oktober 22, 2017Permalink