Ouderenzorg Frankrijk alleen betaalbaar voor minst bedeelden

PROFIEL – Is Frankrijk wat de ouderenzorg betreft het land waar Nederland naartoe gaat? Thuiszorg is er een schaars goed en eigenlijk alleen voor de minst bedeelden betaalbaar. Hoe redt Andrée Charlot zich?

DOOR Peter Giesen 3 april 2014

Andrée Charlot (87) is drie keer geopereerd aan haar rechterheup en één keer aan haar linker. Niettemin haalt ze zelf nog het hout voor haar oven uit de schuur, met haar boodschappentas op wieltjes. ‘Het gaat nog heel goed’, zegt ze. ‘Alleen lezen gaat steeds moeilijker, dat vind ik wel jammer.’

 

Madame Charlot krijgt drie uur huishoudelijke hulp per maand. Dat was ooit acht uur, maar ook in Frankrijk worden de criteria voor zorg steeds strenger

Ze woont in Tannay, een stil dorpje in het groene, golvende landschap van de Bourgogne. Haar huis in de dorpskern is nog van haar groot­vader, een veearts, geweest. Sindsdien lijkt er weinig aan veranderd. Aan de voorkant een piepkleine ‘zondagse kamer’ met ouderwetse meubelen en oranje bloemetjesbehang, aan de achterkant een grote eetkeuken.

Zelfstandig

Madame Charlot krijgt drie uur huishoudelijke hulp per maand. Dat was ooit acht uur, maar ook in Frankrijk worden de criteria voor zorg steeds strenger. ‘Ach, je past je aan’, zegt ze laconiek, terwijl ze de glazen rosé op tafel zet. ‘De was doe ik nog zelf. Koken ook, maar wat kook je nu in je eentje? Ik red me wel.’

De Franse ouderenzorg is zeker niet beter dan de Nederlandse. De Verenigde Naties maakten onlangs een lijst van landen waar het goed oud worden is. Nederland stond 4de, Frankrijk 18de. Zweden voerde, zoals op zo veel terreinen, de lijst aan. De hogere positie van Nederland is niet zo verwonderlijk. Volgens cijfers van de Organisatie voor Economische ­Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) besteedt Nederland 3,5 procent van zijn bruto binnenlands product aan langdurige zorg, tegenover Frankrijk 1,8 procent. In Nederland krijgt 12,9 procent van de 65-plussers enige vorm van thuiszorg, in Frankrijk 6,5 procent.

Foto Nigel Dickinson

Foto Nigel Dickinson

Toch is het interessant om naar Frankrijk te kijken, als een land met ander systeem, met hogere drempels en hogere eigen bijdragen. Traditioneel zijn er grofweg twee manieren om de ouderenzorg te organiseren. In Noord-Europa kan een beroep worden gedaan op royale overheidsvoorzieningen, in Zuid-Europa komt de zorg veel meer op de familie neer. Door de kosten van de vergrijzing lijkt Noord-Europa iets meer ‘zuidelijke’ trekjes te krijgen. In sommige gemeenten wordt al eerst gekeken wat kinderen, familie en buren kunnen doen, alvorens de publieke zorg kan worden ingeschakeld. Frankrijk is de afgelopen jaren juist ‘noordelijker’ geworden, met een flinke investering in de zorg.

Hittegolf

De hittegolf van 2003 speelde daarbij een rol. Sommige Nederlanders hebben een idyllische voorstelling van de Zuid-Europese samenleving, waarin ‘de mensen elkaar nog helpen’. Maar in 2003 stierven naar schatting 15 duizend Franse ouderen als gevolg van de extreme warmte. De hittegolf bracht aan het licht dat er naar veel ouderen nauwelijks werd omgekeken. Het was een schok voor Frankrijk: in een rijk en sociaal land vielen te veel bejaarden tussen wal en schip.

Als een Franse senior moeite krijgt met zelfstandig functioneren, wordt hij bezocht door een onderzoeker. Aan de hand van een vragenlijst wordt hij ingedeeld in een van de zes categorieën

‘De Franse regering heeft de afgelopen tien jaar een enorme inspanning geleverd’, zegt Lise Burgade, adviseur van de Caisse Nationale de Solidarité pour l’Autonomie (CNSA), de koepelorganisatie die de zorg aan ouderen en gehandicapten coördineert en deels financiert. De CNSA heeft een budget van 21 miljard, 50 procent meer dan bij de oprichting in 2004. ‘Daarmee onderscheidt de zorg zich van andere beleidsterreinen’, zegt Burgade.

Als een Franse senior moeite krijgt met zelfstandig functioneren, wordt hij bezocht door een onderzoeker. Aan de hand van een vragenlijst wordt hij ingedeeld in een van de zes categorieën, van totaal hulpbehoevend tot zeer licht afhankelijk. Vervolgens wordt een plan d’aide opgesteld, toegesneden op zijn persoonlijke zorgbehoefte. ‘Het is een soort mandje van diensten. Daarbij wordt rekening gehouden met zijn netwerk. Wat kunnen kinderen, echtgenoten of buren doen? Als iemand een gezonde partner in huis heeft, hoeft er bijvoorbeeld geen maaltijdservice te komen.’

Foto Nigel Dickinson

Foto Nigel Dickinson

Met zijn 619 inwoners is het Bourgondische Tannay één groot netwerk. Als Andrée Charlot met haar stok door het dorp loopt, komt een man uit de slagerswinkel om haar met twee zoenen te begroeten en een praatje te maken. Even later vraagt een buurvrouw of ze nog iets nodig heeft. In 2004 kreeg 30 procent van de Franse 50-plussers dagelijks hulp van iemand buiten zijn eigen huishouden, tegenover 10 procent van zijn Nederlandse leeftijdsgenoten.

Ontvolking

Toch vallen ook in Tannay gaten in het netwerk. Veel huizen staan er een beetje verkommerd bij, met gesloten luiken en afbladderende verf. In de etalage van een reeds lang gesloten épicerie, kruidenierswinkel, ligt een mottige panter op een rijtje verstofte encyclopedieën. ‘Ik heb maar één dochter. Die woont in Parijs’, zegt Andrée Charlot. ‘De dorpen ontvolken, dat is een probleem van het Franse platteland’, zegt Béatrice Morlet, coördinator van de thuiszorg in Tannay. ‘Onder de achterblijvers zie je wel veel solidariteit, maar vaak zijn de mensen die blijven zelf ook oud.’

Foto Nigel Dickinson

Foto Nigel Dickinson

Béatrice Morlet is stomverbaasd als ze hoort dat in Nederland de thuiszorg bijna gratis is, ook voor mensen met een goed inkomen. Fransen met een flink pensioen worden zwaar aangeslagen. Iemand die in de meest hulpbehoevende categorie valt, heeft recht op een hulppakket ter waarde van 1.300 euro per maand. Daarvan betaalt hij 90 procent zelf. ‘Er zit een sterke financiële rem op het systeem’, zegt Lise Burgade van de CNSA. ‘Mensen zeggen bijvoorbeeld: ik heb wel recht op tien uur zorg, maar ik neem er maar vijf, omdat ik het te duur vind.’

‘Het systeem leidt ertoe dat we vooral werken voor mensen met een laag inkomen die weinig hoeven bij te dragen’, zegt Béatrice Morlet in Tannay. Madame Charlot werkte vroeger in de kantine van de mairie, het gemeentehuis, en heeft maar een klein pensioentje. Ze betaalt 3,23 euro per uur voor de thuiszorg. Dat is te overzien.

030414 © de Volkskrant - Bron: BronL Global Age Watch, Verenigde Naties.

030414 © de Volkskrant – Bron: BronL Global Age Watch, Verenigde Naties.

Mensen met een hoger inkomen krijgen een rekening van 16 of 17 euro per uur. Daar hebben ze vaak geen zin in, zegt Morlet. Ze schakelen familie in, proberen goedkopere zorg te krijgen bij een particulier bureautje of betalen de hulp zwart.

Dure thuiszorg

Ook in Parijs zien ouderen vaak af van dure thuiszorg, zegt directeur Gilles Guillard van de thuiszorgorganisatie UNA Paris 12. ‘Ook als mensen het geld best hebben, vinden ze het vaak zonde. Of ze het willen het aan de kinderen nalaten.’

Veel vaker dan in Amsterdam zie je in Parijs stokoude mensen, vooral vrouwen, met kromgetrokken rug door de supermarkt schuifelen, een boodschappentas op wieltjes achter zich aanslepend. Het ziet er uiterst moeizaam uit, maar volgens Lise Burgade van de CNSA mag niet zomaar geconcludeerd worden dat deze mensen geen zorg krijgen. ‘Natuurlijk komt dat voor. Sommige personen weigeren hulp of kennen de weg niet. Maar we moedigen ouderen ook aan om zo lang mogelijk dingen zelf te doen. Dat is de logica van de preventie: je blijft autonoom door actief te blijven, ook al kost het soms moeite.’

‘Tot vorig jaar ging ik nog zelf naar de markt’, zegt ze. ‘Maar ik heb geen adem meer. Ik kom mijn huis niet meer uit. Alleen af en toe wandelingetje naar het einde van de straat en terug, met de fysiotherapeut.’

Eliane Le Moine (99) werd geboren in het jaar van de Grote Oorlog. Ze woont in een klein appartement in de buurt van Place de la Nation in Parijs. Een goedlachse vrouw die er verbazend vitaal uitziet voor haar leeftijd. ‘Tot vorig jaar ging ik nog zelf naar de markt’, zegt ze. ‘Maar ik heb geen adem meer. Ik kom mijn huis niet meer uit. Alleen af en toe wandelingetje naar het einde van de straat en terug, met de fysiotherapeut.’

Ze krijgt 20 uur hulp per maand. Medewerkers van de thuiszorg doen haar boodschappen en maken het huis schoon. ‘Verder doe ik zo veel als ik kan. Aankleden en toilet maken kan ik nog zelf, het bed opmaken ook. Ook de maaltijden maak ik zelf klaar.’

Foto Nigel Dickinson

Foto Nigel Dickinson

Duidelijk is wel dat ook het Franse systeem in zijn voegen kraakt. Aan het begin van de 21ste eeuw deelde de Franse politiek de overtuiging dat de ouderenzorg moest worden verbeterd. Er werd een betrekkelijk royale regeling opgetuigd, de APA (allocationpersonnalisée de l’autonomie). Maar zoals dat zo vaak gaat: de regeling wordt door veel meer mensen gebruikt dan vooraf was ingeschat. ‘Voordien werden ouderen verzorgd door kinderen, familie en buren. De APA betekende een ontlasting voor die mantelzorgers’, zegt Béatrice Morlet van de thuiszorg in Tannay.

Binnen tien jaar verdubbelde het aantal personen dat van de APA gebruikmaakt

Binnen tien jaar verdubbelde het aantal personen dat van de APA gebruikmaakt. Zo dreigt de regeling aan haar eigen succes ten onder te gaan. Ouderen krijgen steeds krappere hulppakketten toegewezen, zeggen Morlet en haar collega Guillard uit Parijs. ‘De regeling wordt steeds meer geconcentreerd op de mensen die echt zwaar hulpbehoevend zijn’, zegt Morlet.