Poetin wil zijn zin hebben

DOOR Martin Sommer

Als je iets wilt begrijpen van de Europese ontreddering in de botsing met Poetin, moet je het antwoord lezen van de regering op het WRR-rapport over de manier waarop Nederland in 2030 zijn brood verdient. Dat klinkt gek, maar het zit zo: het WRR-rapport, Naar een lerende economie heet het, zou deze week worden behandeld in de Kamer. Het debat is doorgeschoven vanwege Ruttes plotselinge verplichting in Brussel in verband met de crisis op de Krim. Ironisch, omdat een van de onaangename boodschappen van de WRR is dat de toekomst onzekerder wordt en dat we ons dus weerbaarder moeten maken voor verrassingen.

 

Het 21 vel tellende antwoord op het rapport van de regering was niet opgewekt van toon. Wij zijn al heel weerbaar, was de strekking. Er gebeurt al zoveel op onderwijsgebied, zei minister Bussemaker. Collega Kamp sprak zelfs van een ‘vergissing’ omdat de WRR kritiek had op het topsectorenbeleid voor bedrijven. Naar verluidt kwam het kabinet er na driemaal vergaderen nog niet uit en wilden de ministers vooral geen kritische noot aan de nerveuze vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen.

Poetin wil zijn zin hebben...

Poetin wil zijn zin hebben…

Daar komt bij dat de ambtenarij die zo’n reactie schrijft, beslist niet houdt van onzekerheid en al helemaal niet van een onplanbare toekomst (topsectorenbeleid moet zijn tijd hebben). Lees die 21 vel met alle verwijzingen naar eerdere rapporten van eerbiedwaardige instanties, allemaal van de strekking dat Nederland op de goede weg is. De kabinetsreactie sluit af met een lofzang op het Nederlandse samenwerkingsmodel met zijn vermogen om een stabiele en harmonieuze samenleving te creëren. Recht zo die gaat, was het antwoord op de WRR-onruststokers.

Laten we er niet besmuikt over doen. Het kabinet mag zich best een beetje op de borst slaan. Nederland slaagt erin de verzorgingsstaat te saneren. Donderdag passeerde nauwelijks opgemerkt weer een bezuiniging op de pensioenen de Kamer, na de jeugdwet en diverse beperkingen van de dure AWBZ. Het succes van het bestuur anno 21ste eeuw is het compromis waar Wouter Bos tweewekelijks de lof van zingt. De complexiteit is enorm, zo’n Mark Rutte schaakt op vijf borden tegelijk, met drie gedoogpartijen en als het even kan ook nog een rits maatschappelijke organisaties. Met zijn allen om de tafel en ‘comfort bieden’, tot er een fatsoenlijk compromis ligt.

Cameron, Merkel of Hollande, ze zijn allemaal Monsieur Normal

Nederland is in het klein wat de EU in het groot is. Hier luisteren we naar de ChristenUnie met vijf zetels, daar mogen Malta en Litouwen ook meedoen. De Amerikaanse leiderschapsprofessor Barbara Kellerman heeft het in haar gelijknamige boek over The end of leadership (2012). De wereld is veel te ingewikkeld geworden voor een klare politieke lijn, schrijft zij, en de burger laat zich ook al niets meer aanpraten.

Mark Rutte wil comfort bieden...

Mark Rutte wil comfort bieden…

Mark Rutte is misschien het meest uitgesproken voorbeeld van hedendaags leiderschap. Zijn premierschap staat in de Nederlandse traditie van klein land, afhankelijk van de omgeving, waar meebewegen het parool is. Het is meer kijken hoe de hazen lopen en dan conclusies trekken dan eens krachtig laten horen hoe het moet. In de wereld van nu zijn de meeste leiders een beetje Rutte geworden. Cameron, Merkel of Hollande, allemaal zijn ze Monsieur Normal (m/v). En Obama trouwens niet minder, met zijn openbare getob over alle dilemma’s die hem bespringen. De Gaulle of Churchill zouden het in deze ingewikkelde wereld geen dag uithouden.

Politiek is de kalme uitwerking geworden van een regeerakkoord of de controle van Europese afspraken. Dat botst met de onzekere wereld waar de WRR op wijst. De globalisering met zijn steeds nauwer luisterende verbanden maakt kwetsbaar voor rampen. Snelle aanpassing en improvisatie zijn eigenlijk geboden vanwege alles dat op ons afkomt. Dat is niet alleen een politieke crisis als Oekraïne, maar ook bijvoorbeeld de enorme versnelling in de technologische ontwikkeling of de schaliegasrevolutie. Snelle reactie zou moeten, maar feitelijk wordt besturen een steeds langzamer aangelegenheid vanwege het permanente overleg, de afstemming en de langdurige weging van gevoelens en belangen.

Pechtold wil vergaderen...

Pechtold wil vergaderen…

Nu staat daar die grote boze wolf voor de deur. Ontreddering alom. Poetin leeft in een andere wereld, zei Merkel na de persconferentie van de Russische president. Ze doelde op zijn patente leugens en verdraaiingen. Hij hing als een cowboy in zijn stoel, één brok uitdaging en neerbuigendheid. Ook dat was een andere wereld. Geen ‘comfort bieden’, postmodern leiderschap van de kleine stapjes en gepolder, maar daar zat een ouderwetse macho die gewend is zijn zin te krijgen.

Wat geschikt is voor het ene toneel is dat niet voor het andere. Het ontbreekt in Europa misschien nog het meest aan voorstellingsvermogen. In de ever closer union denkt men dat de hele wereld zich in onze richting beweegt. Maar Turkije wordt steeds islamitischer en Rusland steeds conservatiever, religieuzer en nationalistischer, al dan niet aangeblazen door Poetin. Hij is zich welbewust dat de gasafhankelijkheid geldt voor beide kanten van de buis. ‘In de wereld waarin wij leven, zijn we met elkaar vervlochten.’ Poetin wist daarvan een dreigement te maken: eventuele sancties van Europa zijn óók sancties tegen Europa zelf.

In Nederland wees ook D66-leider Pechtold op de brisante situatie in de Oekraïne, die ‘zomaar het economisch groeipercentage voor de komma kan verpesten’. Zijn slotsom was dat de drie meewerkende oppositiepartijen snel weer met de regering om de tafel moeten. Om te praten over een nieuw gedoogakkoord.

Dat is het verschil.

Martin Sommer is politiek commentator van de Volkskrant